Demonstreren mag! Altijd en overal?

Als er een groep trekkers op beide banen over de snelweg naar het Malieveld in Den Haag rijdt, is dat dan al een demonstratie?’
Het is één van de vele goede vragen die aan het eind van de Publieksacademie voor de Rechtspraak worden gesteld. Mr. dr. Berend Roorda en promovendus Berrie Hanselman bespreken dit keer het thema ‘demonstratierecht’.

Demonstratierecht in de wet

Mr. dr. Berend Roorda, universitair docent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid, geeft een helder college over hoe het demonstratierecht in onze wet is vastgelegd. Want wat is eigenlijk de definitie van een demonstratie? Voor een demonstratie is nodig dat je met een collectief bent, in het openbaar, en er moet een bepaalde mening geuit worden, zo legt Roorda uit. En als er dan een demonstratie plaatsvindt, dan zijn er een paar gronden op basis waarvan een demonstratie mag worden beperkt, verboden of beëindigd. Die gronden zijn: gevaar voor de gezondheid, het verkeer en/of wanordelijkheden. De inhoud van een demonstratie mag eigenlijk geen rol spelen bij die beperkingen. Een burgemeester heeft dan ook een vergaande beschermplicht bij demonstraties. Dit verklaart ook de vaak grootschalige (en dure) politie-inzet bij veel demonstraties. Tot slot geeft Roorda aan dat in de wet nog wel wat duidelijker genoemd kan worden dat de noodzaak van een eventuele beperking absoluut overduidelijk moet zijn.

Demonstraties en geweld door de jaren heen

Berrie Hanselman, de tweede spreker van de avond, heeft decennialang onderzoek gedaan naar de rol van geweld in demonstraties. Na zijn pensioen is hij op dat onderwerp gepromoveerd aan de universiteit van Leiden. Hij neemt ons mee door een lange geschiedenis van geweldsincidenten bij demonstraties. Van de anti-Vietnam demonstraties in de jaren ’60 tot de schermutselingen tussen extreem links en extreem rechts van vandaag de dag. Wat hem opvalt, zo legt hij uit, is dat de overheid in de jaren 60 en 70 vooral vertrouwt op de wapenstok. Er wordt hard opgetreden tegen demonstranten. Al in die jaren wordt er (‘typisch Hollands’, grapt Hanselman) een commissie ingesteld die constateert dat de samenleving vraagt om ‘een andere, meer genuanceerde en ingetogen vorm van optreden’. Vanaf dat moment draait het overheidsoptreden naar een meer begripvolle, behulpzame en beschermende manier van doen.

Vragenronde

Zoals bij elke Publieksacademie voor de Rechtspraak zit het ‘venijn’ hem in de staart. Tijdens de vragenronde wordt beide sprekers om uitleg gevraagd op een aantal lastige vragen. Zo vraagt iemand zich af of de kosten van politie-inzet nog wel uit te leggen zijn aan de samenleving. Berend Roorda geeft in zijn antwoord aan dat de beschermplicht daarvoor in de wet is neergelegd, maar dat recent de burgemeester van Eindhoven precies dat dilemma kenbaar heeft gemaakt met betrekking tot de vele demonstraties in zijn stad. Een andere toeschouwer vraagt naar aanleiding van enkele negatieve voorbeelden of burgemeesters niet beter voorgelicht moeten worden over de keuzes die ze soms moeten maken. Uit het antwoord blijkt dat het heel vaak goed gaat, maar dat er in landelijke werkgroepen zeker gekeken wordt naar manieren om burgemeesters te ondersteunen en mee te denken met dilemma’s in het demonstratierecht. De vragenronde eindigt met de sterke vraag of burgemeesters zelf ook mee mogen lopen in een demonstratie? En als ze dat doen, in welke hoedanigheid moeten ze daar zijn? Met of zonder ambtsketting? Moeten ze kenbaar maken dat ze daar zijn als burgemeester? Meneer Hanselman geeft aan dat dit afhankelijk is van de situatie, maar dat de burgemeester in alle gevallen duidelijk moet communiceren.

Volgende Publieksacademie voor de Rechtspraak

De volgende Publieksacademie voor de Rechtspraak wordt gehouden op 21 november 2019. Wil je dit evenement een keer bijwonen? Houd dan ons twitteraccount deRechtspraak.nl in de gaten!

Bron: De Rechtspraak.nl

VOLG ONS OOK VIA